De term "warmtebrug" is een direct synoniem voor "thermische brug" en wordt wisselbaar gebruikt om hetzelfde fysische fenomeen binnen de constructie van een gebouw te beschrijven. Het verwijst naar een component of assemblage die een hogere warmtedoorgangscoëfficiënt vertoont dan de omliggende materialen, waardoor effectief een brug ontstaat waardoor thermische energie de gebouwschil kan oversteken. Het gebruik van "warmtebrug" benadrukt de overdracht van warmte-energie (thermische energie) via deze geleiding. Veelvoorkomende voorbeelden zijn alomtegenwoordig in de bouw: metalen kozijnen van ramen en deuren die binnen- en buitenkant verbinden, ongeïsoleerde betonnen platen die dienen als balkons, stalen I-balken ingebed in geïsoleerde wanden, en zelfs de metalen bevestigingsankers in spouwmuren. Deze elementen vormen, vanwege hun hoge warmtegeleidingsvermogen, paden waardoor warmte tijdens de verwarmingsperiode kan ontsnappen en tijdens de koelperiode naar binnen kan stromen. De negatieve gevolgen zijn identiek aan die van een thermische brug: aanzienlijk hoger energieverbruik voor ruimteverwarming en -koeling, een verlaging van de binnentemperatuur van het oppervlak bij de brug, en een grote kans op condensatie en daarna op schimmelvorming. De term onderstreept de functie van het element als een geleiding voor ongewenste warmtestroom, en de identificatie en sanering ervan zijn centraal in het ontwerp en de uitvoering van hoogpresterende, energie-efficiënte en duurzame gebouwen. Of nu gesproken wordt van een thermische brug of een warmtebrug, de focus blijft liggen op het toepassen van ontwerpoplossingen zoals thermische onderbrekingen en continue isolatie om deze onbedoelde energiestroom te blokkeren.